Klaverjassen Het doel van klaverjassen is het scoren van zoveel mogelijk punten. Dit doe je door samen met je partner slagen te winnen. Het team dat na 8 slagen het hoogste aantal punten heeft wint.
Klaverjassen kan bij Spelpunt.nl op z'n Rotterdams of Amsterdams. VIP's en SuperVIP's hebben toegang tot extra spelopties zoals de variant 'kraken'.
In de nieuwe variant van Klaverjassen zijn er aanpassingen gedaan die het spel leuker maken:
Slimme robots waardoor het spel nóg realistischer wordt
Een nieuwe speloptie 'Verzaken'
Nieuwe ratingsysteem
Rating voor speler tegen spelers en rating voor spelen tegen robots
Naast het 'oude vertrouwde' Klaverjassen wat Spelpunt al jaren aanbiedt (Klaverjassen), wordt de compleet vernieuwde versie Klaverjassen 2008 aangeboden.
Klassiek Jassen (het 'oude' Klaverjassen):
blijft de komende tijd zeker op de site aanwezig
spelers behouden hun huidige rating op Klassiek Klaverjassen
Klaverjassen2008:
Slimme robots waardoor het spel nóg realistischer wordt
Speloptie 'Verzaken'
Roem in hand blijft zichtbaar
Meer spelinformatie
Realistisch rating systeem (ELO aangepast voor 4 personen); iedere speler start met 1500 punten
Verschil tussen spelersrating en robotrating. Het eerste wordt opgebouwd door spellen gespeeld door 4 personen, het tweede door spellen gespeeld met één of meerdere robots.
Nieuwe opbouw van het te behalen/verliezen aantal winst- en verliespunten waardoor het voor iedere speler eerlijk is, aangezien er alleen naar de eigen rating gekeken wordt.
Doel van het spel: Het doel van klaverjassen is zoveel mogelijk punten te scoren. Dit doe je door samen met je partner slagen te winnen. Het team dat na 8 slagen het hoogste aantal punten heeft wint.
Basisregels: Klaverjassen speel je met 2 teams van 2 spelers. De speler aan de overkant van de tafel is je partner, dus Noord speelt samen met Zuid, en West speelt samen met Oost. De speler die het spel start bepaalt welke spelers een team vormen door ze hun plaats aan de tafel te wijzen. Ombeurten mogen de spelers de troefkaart kiezen en beginnen.
Kaartwaardes: De kaarten 2 t/m 6 zijn uit het spel gehaald, zodat er 32 kaarten overblijven. Elke speler krijgt 8 kaarten. Je hebt normale kaarten en 'troef' kaarten. Aan het begin van iedere ronde mag 1 van de spelers kiezen welke kleur 'troef' is, dat kan dus harten, ruiten, klaver of schoppen zijn. De troefkaarten hebben een andere kaartwaardering dan de normale kaarten. Kijk in onderstaande tabellen voor de kaartwaardering bij troef- en niet troefkaarten.
Normale kaarten: De volgorde en waarde van de normale kaarten is:
Zeven 0
Acht 0
Negen 0
Boer 2
Vrouw 3
Heer 4
Tien 10
Aas 11
Troefkaarten: De volgorde en waarde voor troefkaarten is:
Zeven 0
Acht 0
Vrouw 3
Heer 4
Tien 10
Aas 11
Negen 14
Boer 20
Begin van het spel: De computer deelt de kaarten uit naam van een speler en laat dit zien met de boodschap "Deler is noord" (of zuid/oost/west). De speler links van de deler mag kiezen welke kaartkleur gedurende een complete ronde (8 slagen) troefkaart is. De speler die de troefkaart heeft gekozen mag ook als eerste 'uitkomen', dat wil zeggen een kaart opgooien. Daarna mag de speler links van hem, met de klok mee, een kaart bijleggen. Dat dient in eerste instantie een kaart te zijn van dezelfde kleur. Als je van de gevraagde kleur geen kaarten hebt moet je een troefkaart bijleggen. Als iedere speler een kaart op tafel heeft gelegd is er 1 slag gespeeld. De speler die de slag gewonnen heeft mag als eerste uitkomen.
Puntentelling: De partij die als eerste uit mag komen moet aan het einde van de ronde, als alle kaarten gespeeld zijn, meer dan de helft van het totaal aantal punten hebben gehaald. Er zitten standaard 162 punten in het spel, maar dit wordt vermeerderd met eventueel behaalde roem. Dit houdt in dat je minimaal 82 punten moet hebben, maar als de tegenpartij bijvoorbeeld 20 roem heeft gehaald, dan moet je er dus 92 hebben. Als je dat haalt krijg jij gewoon je punten en de tegenpartij ook. Heb je echter niet genoeg punten, dan ben je 'nat'. Op dat moment krijgt de tegenpartij alle punten, inclusief alle behaalde roem. Als je alle slagen binnengehaald hebt krijg je 100 punten bonus. Dat heet 'Mars' of 'Pit'.
Roem: Roem is een extra element in het spel waarmee snel een hoop extra punten verdiend kunnen worden. Het principe is dat je een opeenvolgend rijtje kaarten op tafel krijgt, bijvoorbeeld 'boer+vrouw+heer' of '7+8+9+10'. Degene die de slag wint krijgt de behaalde roem. De kaartvolgorde bij de roemberekening gaat uit van de traditionele kaartwaardes, dus 7, 8, 9, 10, boer, vrouw, heer, aas. Dit is dus iets anders dan bij het spel zelf.
Puntentelling roem: Drie opeenvolgende kaarten van een kleur is 20 roem. Vier opeenvolgende kaarten van een kleur is 50 roem. Vier dezelfde kaarten (4 x aas, 4 x heer, enz.) is 100 roem. Vier boeren is 200 roem.
'Stuk' (heer en vrouw van troef) is 20 roem extra. Dit tel je op bij de al bestaande roem. Boer+vrouw+heer van troef is dus 40 roem.
Troef: Troef is een kaart die aan het begin gekozen wordt en die daarna meer waard is dan de 'gewone' kleuren. Je kunt de troefkaarten alleen opgooien als je geen kaart van de gevraagde kleur kunt bijleggen. Let op: de spelvariant is bepalend of je dit moet of niet! Voor de troefkaarten geldt een andere kaartvolgorde dan bij de 'gewone' kaarten. Bij de troefkaart wordt de negen ook wel 'nel' genoemd.
Wanneer moet je troeven. Hier komen de spelvarianten Amsterdams en Rotterdams om de hoek kijken.
Amsterdams:
Je moet troef opgooien als er troef wordt gevraagd.
Je moet troeven als je geen kleur kan bekennen en de slag ligt niet voor je maat. Maar je mag troeven als je geen kleur kan bekennen en de slag ligt wel voor je maat.
Rotterdams:
Je moet troef opgooien als je geen kleur kan bekennen ook al ligt de slag voor je maat. Ook moet je troef bijleggen en je kan niet overtroeven.
Slagen: Een ronde bestaat uit 8 slagen. In iedere slag legt elke persoon 1 kaart op tafel. De speler die de slag gewonnen heeft mag als eerste uitkomen voor de nieuwe slag. Na 8 slagen is een complete ronde gespeeld en worden de punten geteld.
Spelvarianten: Je kan kiezen tussen Amsterdams en Rotterdams kaarten. Het verschil tussen deze twee varianten is dat als je Amsterdams speelt en je maat met een kaart uitkomt die jij niet hebt, maar de slag nog wel bij je maat ligt, je niet verplicht bent om de slag in te troeven, wat bij de Rotterdamse variant wel verplicht is.
Roemvarianten: Bij het begin van het spel kan je kiezen of je willekeurig troef laat kiezen of de Utrecht variant. Het verschil bij deze twee is dat bij willekeurig eerst iedereen kan kiezen of hij de aangeboden troefkaart wil spelen of wil passen. Bij Utrecht mag degene die aan slag is bepalen welke kaart troef is.
Kraken: Kraken is een variant op amsterdams klaverjassen, waarbij de roem die je in de hand hebt ook meetelt. Als je denkt dat je beter kan spelen dan je tegenpartij heb je de mogelijkheid om te kraken, de tegenpartij heeft dan weer de mogelijkheid om te re-kraken, en jij om te superkraken. Bij een gewone kraak worden de punten met 2 vermenigvuldigd, bij re-kraak met vier en bij superkraak met acht vermenigvuldigd.
Schoppen-dubbel: Schoppen-dubbel is een variant op het kraken waarbij de slagen dubbel tellen als schoppen gekozen is als troefkaart.
Seinen is aan je maat laten merken dat je een of meerdere slagen kunt halen. Als je een vaste maat hebt ken je elkaars manier van seinen soms wel, maar er is ook een standaard methode waarmee je kan seinen met elke willekeurige maat die het seinen een beetje onder de knie heeft.
De eenvoudigste manier om je maat te laten weten van welke kleur je de aas hebt, is een kleintje van deze kleur te laten zien op een slag van je maat. Je legt dan bijvoorbeeld de harten 7 weg op de slag die aan je maat ligt.
Bij afseinen doe je het tegenovergestelde en sein je eerst met een hogere kaart op een slag van je maat van een kleur en daarna met een lagere. Dus gooi je bijvoorbeeld eerst de harten vrouw weg als je geen hartenslag kan binnenhalen waarna nog een lagere hartenkaart kan worden weggelegd.
Armoede seinen is ook een vorm van afseinen waarmee je aangeeft geen slagen te kunnen pakken. Je gooit een hoge kaart, bijvoorbeeld harten 10 en dan van een andere kleur een lage kaart.
Als je veel kaarten van een kleur hebt kan je dit seinen door eerst de laagste kaart op te gooien (bijvoorbeeld harten 7) en daarna een iets hogere van dezelfde kleur. Het komt alleen vaak voor dat je maat de kleur die je seint niet in handen heeft en er niet mee kan terugkomen.
"Kleintje boer" seinen is een manier van seinen waarbij je aangeeft wel troef boer te hebben maar daarnaast alleen maar lagere troeven (bijvoorbeeld boer, vrouw, zeven). Als je maat uitkomt met een troef heb je kans dat op die manier de nel (negen) gaat vallen. Dit geef je aan door uit te komen met een lage niet-troef kaart, zodat je maat als die aan slag komt met troef gaat uitkomen.
Het is bij klaverjassen handig om te weten hoeven troeven eruit zijn en wie nog troef heeft. Er zitten 8 troeven in een spel en als je elke troef die op tafel komt telt en daarbij telt hoeveel troeven je nog in handen hebt, weet je precies hoeveel troeven er nog in het spel zitten. Zo weet je bijvoorbeeld of iemand nog een slag kan introeven als diegene geen kleur kan bekennen of dat je een kleur kan doortrekken omdat er geen troef meer in het spel zit.
Normale kaarten: De volgorde en waarde van de normale kaarten is:
Zeven 0
Acht 0
Negen 0
Boer 2
Vrouw 3
Heer 4
Tien 10
Aas 11
Troefkaarten: De volgorde en waarde voor troefkaarten is:
Zeven 0
Acht 0
Vrouw 3
Heer 4
Tien 10
Aas 11
Negen 14
Boer 20
Puntentelling roem: Drie opeenvolgende kaarten van een kleur is 20 roem. Vier opeenvolgende kaarten van een kleur is 50 roem. Vier dezelfde kaarten (4 x aas, 4 x heer, enz.) is 100 roem. Vier boeren is 200 roem.
'Stuk' (heer en vrouw van troef) is 20 roem extra. Dit tel je op bij de al bestaande roem. Boer+vrouw+heer van troef is dus 40 roem.